Kwaliteit van onderzoek
De VU is een toonaangevende onderzoeksuniversiteit die een hoge positie inneemt in de top van Europese onderzoeksuniversiteiten. Om deze positie te behouden en het onderzoek verder te verbeteren is het zeer belangrijk de kwaliteit van het onderzoek te meten om zo zicht te krijgen op verbeterpunten.
De kwaliteit van het onderzoek aan de Vrije Universiteit wordt periodiek beoordeeld, conform het Standard Evaluation Protocol (SEP). Het SEP is opgesteld door de Vereniging van Universiteiten (VSNU), de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijke Onderzoek (NWO).
Alle onderzoeksinstituten en -eenheden van de VU voeren eens per drie jaar een zelfevaluatie uit. Daarnaast wordt het onderzoek elke zes jaar beoordeeld door een externe commissie. De tussentijdse zelfevaluaties worden beoordeeld door de Universitaire Toetsingscommissie (UTC). De beoordeling omvat zowel een evaluatie van de wetenschappelijke - als van de maatschappelijke relevantie van het onderzoek. Ook de kwaliteit van de begeleiding en opleiding van promovendi wordt beoordeeld. Het commentaar dat voortkomt uit de externe beoordelingen is een belangrijke leiddraad bij het uitzetten van de onderzoekstrategie van de universiteit.
De manier waarop de VU de komende jaren haar beleid rond kwaliteitszorg vorm gaat geven en de bijbehorende procedures, zijn samengevat in de Notitie Kwaliteitszorg. In deze notitie staan kwaliteitbewaking, transparantie en het uitdragen van excellentie centraal en het geeft de kaders aan voor de kwaliteitszorg binnen de onderzoekseenheden. De kwaliteitszorg onderzoek is ‘werk in uitvoering’ en de notitie zal dan ook periodiek worden aangepast en aangescherpt.
Het merendeel van de onderzoeken aan de VU worden goed tot excellent beoordeeld. Bij een negatieve onderzoeksbeoordeling treft de universiteit maatregelen.
De rapporten waarin de beoordelingen worden vastgelegd zijn openbaar: